Blog

Moestuinplan maken, waar moet je op letten en hoe ga je aan de slag?

Januari is voor mij altijd een beetje een plan maand en het vinden van mijn draai na al die feestdagen. Ik heb wel één leuke taak in januari, dat is namelijk het moestuinplan maken. Bekijken welke groenten we dit jaar in de tuin willen hebben staan, waar welke groenten komen te staan. Vorig jaar was ik er al een klein beetje aan begonnen. Ik wil meer bloemen in de tuin! Dus dat betekend dat de moestuin ruimte kleiner gaat worden. Maar daar heb ik een oplossing voor gevonden, door met goede buren te werken. En dat is niet zoals je gelijk zou denken.

Maar hoe ga je nu eigenlijk aan de slag? Het is niet even snel de groenten of de zaden in de grond planten en wachten tot dat je groentens hebt. En daarom zal ik in deze blog uitleggen hoe je zelf een moestuinplan kunt maken en waar je het beste je moestuin kunt neerzetten.

Voorbereidingen voor het maken van een moesttuinplan.

Bedenk als eerst waar je je moestuin wilt “neerzetten”. Een juiste plek voor je moestuin is waar de meeste zon schijnt, groenten hebben namelijk ongeveer zeven uur per dag zonlicht nodig. Dus houdt daar rekening mee! Als je nog een beginner bent is het slim om nog niet te groot te beginnen. Denk aan een moestuinbak of wil je echt in je tuin werken. Begin dan eerst met een oppervlakte van ongeveer 10m2 . Hoe meer je het moestuinieren onder de knie hebt, hoe groter je deze kunt uitbreiden. Mits je er natuurlijk de ruimte er voor hebt.

Maar hoeveel m2 heb je nodig om met één gezin (vier personen) van je moestuin het hele jaar te kunnen leven?

Zo vertelt Wim Lybaert:

Een goede basis maat is 50m2, dat vol staat voor een gezin van vier personen. Hiermee kunnen jullie dan de hele zomer uit eigen tuin eten. Één jaar lang van je moestuin genieten dan is de oppervlakte 200m2 en wil je daar nog graag aardappelen bij hebben, dan zit je op 300m2.

Wanneer je de plek hebt bepaalt is het tijd om je grond te controleren. Want op welke grond komt je eten te staan? Zo is er zand-, leem- of kleigrond. De beste grond voor je moestuin is leemgrond. Deze is licht om mee te werken, maar toch compact genoeg om het water maar ook voedingsstoffen in vast te houden.

Wanneer je kleigrond hebt, dan heb je een vruchtbare grond en hij houd het water goed vast. Deze grond is uitstekend om aardappelen op te telen, maar ook knolselderij, ui en allerlei knolsoorten.

Zandgrond warmt snel op en is dan ook ideaal om vroeg in de lente te beginnen. In deze grond kweek je mooie rechte groenten, zoals wortelen en asperges. Jammer genoeg houd zand niet het water en voedingsstoffen goed vast. Dus dat betekend dat je vaker water en extra compost moet geven.

Test welke grond heb je:

Graaf in je moestuin een kuiltje van ongeveer tien centimeter diep. Van deze grond ga je proberen om een soort worm te draaien tussen je handen. als het bij tien centimeter, zonder dat hij kapot gaat. Dan heb je leemgrond. Lukt dat niet dan heb je zandgrond en kan je hem juist nog langer draaien dan heb je kleigrond.

Start moestuinplan

Je weet waar je je moestuin wilt plaatsen en welke groenten je het beste in je grond kunt telen. Dan is het tijd om te gaan bedenken welke groenten je graag in je tuin wilt hebben staan. Stel je zelf de vraag: “Welke groenten vinden we lekker om te eten?”. Dan weet je al snel wat er in komt. Voor de beginners geef ik als advies, om met de wat makkelelijke groenten. te beginnen Denk aan bijvoorbeeld radijsjes, spinazie, sla, boontjes, courgette en kruiden.

Als je weet welke groenten er in je moestuinplan komen, ga je kijken in welk bed je de groenten gaat verdelen. Zo is het verstandig om voor elk gewas een bed te hebben. Een bed, kan je ook omschrijven als een soort “bak met grond er in”. Zo kun je de gewassen makkelijk indelen.

  • Zo heb je een bed voor de bladgewassen: andijvie, mosterdblad, peterselie, postelein, prei, rucola, selderij, sla, snijbiet, spinazie, tuinkers en veldsla.
  • Koolgewassen: bloemkool, boerenkool, broccoli, koolrabi, raapstelen, radijs, rammenas, rode kool, savooiekool, spitskool, witte kool en spruiten.
  • Vruchtgewassen: courgettes, aubergines, augurken, komkommers, mais, meloenen, paprika’s, patissons, pepers, pompoenen en tomaten.
  • Wortelgewassen: bietjes, knoflook, knolselderij, knolvenkel, pastinaak, sjalotten, uien, winterpeen, witlof en worteltjes.
  • Peulgewassen: alle soorten bonen, erwten, kapucijners en peulen.
  • Aardappelen

Het beste is om zeven bedden in je moestuin te plaatsen. In elk bed één gewassoort en één voor je één jarige bloemen. Als je elk jaar wilt moestuinieren schuif je elkaar jaar de gewassen een bed op. Dit heet wisselteelt, dit voorkomt ziektes in je grond. Dan verdeel je je groenten in de zes gewasbedden. Dit schrijf je allemaal nog in het klad op. Dan weet je ook heveel soorten groenten er nu in één bed komt te groeien. Ga opzoek hoe veel ruimte de groentensoorten nodig hebben om te groeien. Zo weet je hoeveel je in een rij naast elkaar kunt zetten en kun je het bed gaan indelen. Noteer dit ook op een kladpapiertje.

De volgende stap is om de zaaikalender te maken. Hieruit lees je wanneer je moet gaan zaaien, binnen of buiten. Of wanneer je planten buiten in de grond geplant kunnen worden en nog leuker wanneer je kan oogsten! Dit zoek je allemaal uit bij al je groentensoorten. De meeste informatie kun je terug vinden op de zadenzakjes. Maar hier ook een notitie van.

Een paar moestuinplannen van vorige jaren.

En dan nu is het tijd om alles van je moestuinplan netjes uit te werken. Ik vind het zelf heel erg leuk om een titelblad te maken. Zodat je makkelijk later terug kunt kijken van welk jaargetal het moestuinplan was. Dus zet op het titelblad ook het jaargetal op. Ik heb zelf dit jaar alle groenten op het blad getekend die in de moestuin komen te groeien. Klaar? Dan gaan we door naar de zaaikalender. Als je notities ga je nu verwerken in een tabel. Waar al je groentensoorten op staan en elke maand van het jaar. Geef de vakjes een kleur of een patroon voor voorzaaien, in de volle grond zaaien & oogsten. Zo kan je in één oogopslag zien wanneer je welke zaden moet gaan voorzaaien of gewoon buiten kunt zaaien. En als laatste teken je bedden mooi uit en klaar is je moestuinplan!

Mijn moestuinplan

Ik had al een klein beetje vertelt dat ik vorig jaar al een klein beetje was begonnen om meer bloemen bij de moestuin te betrekken. En dat ga ik dit jaar ook weer doen, waardoor ik minder bedden overhou om de groenten er in te teelen. Dus dit jaar ga ik voor het eerst met goede buren werken. Nee, niet met de personen die naast ons wonen, maar groenten die het fijn vinden om naast elkaar te groeien. Misschien kan ik daar in de toekomst nog wel een blog over schrijven. Doordat ik de bedden anders heb ingedeelt past het voor ons nu in drie bedden en twee bakken.

Zo gaat er in bed één mais, pompoen, courgette, pastinaak & sla. Bed twee: aardpeer, komkommer, boontjes, venkel, bietjes, broccoli & rabarber. Bed drie: tomaten, paprika, Afrikaantjes, koolrabi & spinazie. En in bak één prei & in bak twee ui. Of te wel allemaal dingen wat we lekker vinden, behalve de Afrikaantjes dan. Dat is een goede buur voor de tomaat. Mijn beginners fout bij het moestuinieren was dat ik te enthoushast was, dat ik te veel in de bedden “propte”, waardoor groenten niet de juiste ruimte kregen om te groeien. Dus tip: Houd je aan de aangegeven zaai afstand!

Heel veel voorpret met het maken van je moestuinplan!

jaloezieën
Liefs Sanne